12 jun, 2020

Open brief aan Minister Weyts

12 jun, 2020

Geachte Minister Weyts,

De coronacrisis heeft een sterke impact gehad op het Vlaamse onderwijs, dat hoeven we u niet te vertellen. De crisis heeft verschillende belangrijke actoren, uzelf, de koepels, de netten en de vakbonden dichter bij elkaar gebracht en in onderling overleg wordt getracht om op de best mogelijke manier het hoofd te bieden aan deze crisis. Meer in het algemeen is er ook een hernieuwd respect en aandacht gegroeid voor experten die vanuit hun wetenschappelijke expertise het beleid zo goed mogelijk trachten te adviseren. Iedereen realiseert zich zeer goed dat dit in crisistijden een absolute noodzaak is. Maar niet alleen in crisistijden is wetenschappelijke onderbouwing van het beleid belangrijk.  Daarom willen wij opnieuw uw aandacht vragen voor het belang van wetenschappelijk onderzoek voor een degelijk gefundeerd en duurzaam onderwijsbeleid.

Net voor de corona-crisis uitbarstte, bracht uw administratie ons op de hoogte van uw beslissing om geen nieuw steunpunt voor onderwijsonderzoek te financieren. In uw brief aan de administratie staat geen verdere toelichting, waardoor wij in het duister tasten over uw motivatie. Graag gaan we in deze brief in op enkele belangrijke gevolgen van uw beslissing.

Ten eerste komt hierdoor een einde aan een interdisciplinair samenwerkingsverband van onderwijsonderzoekers aan Vlaamse universiteiten en hogescholen dat sinds 2001 beleidsvoorbereidend onderzoek doet. Deze ‘steunpunt’-formule heeft – in vergelijking met de vroegere jaarlijkse onderzoeksoproepen – een aantal onmiskenbare voordelen:

  • Het meerjarenprogramma van een Steunpunt beslaat normaliter 5 jaar wat meer diepgaand, strategisch onderzoeksbeleid toelaat. Het stroomlijnen van het steunpuntprogramma met de legislatuur laat toe om de prioriteiten van de beleidsnota Onderwijs te stofferen met het nodige studiewerk zodat er evidence-informed beleid gevoerd kan worden.
  • De schaalgrootte van een steunpunt is gunstig voor de onderlinge specialisatie en samenwerking. Samenwerking tussen gespecialiseerde onderzoeksteams leidt onmiskenbaar tot sterker en beter onderzoek, en tot verbeterde internationale zichtbaarheid van het Vlaamse onderwijsonderzoek.
  • Doctoraten op beleidsgericht onderzoek worden mogelijk zodat het betere onderzoekers aantrekt in het beleidsgericht onderzoek. Deze worden later vaak goed gevormde beleidsmedewerkers, zodat steunpunten op termijn een hefboom worden voor een kwaliteitsvolle administratie.
  • Het steunpunt investeert in kwalitatief hoogstaande (longitudinale) datasets waar tientallen onderzoeken op gebaseerd kunnen worden. De datasets moeten echter up-to-date gehouden worden zodat ook nieuwe evoluties en gevolgen van beleid gemonitord kunnen worden.
  • De logistieke aspecten van het onderzoek worden bij een steunpunt gepoold, wat alweer grote efficiëntiewinsten mogelijk maakt.

Ten tweede levert de expertise van een steunpunt de Minister van Onderwijs de wetenschappelijke onderbouw om de juiste keuzes te maken om de kwaliteit van ons onderwijs te verbeteren. Ons onderzoek gebeurt in alle onafhankelijkheid, in overleg met de administratie Onderwijs en diverse stakeholders uit het onderwijsveld. Dat versterkt zowel de kwaliteit van het onderzoek als de bruikbaarheid voor de voorbereiding en uitvoering van beleid.

Ten derde werken we actief aan disseminatie van onderzoek. Deze activiteiten verstevigen de kwaliteit van het onderwijs, zowel top down als van binnenuit. Zo kon ook heel wat onderzoek gevaloriseerd worden met effectieve tools die onmiddellijk bruikbaar zijn voor leraren in de klas.

Ten vierde herinneren we u dat een internationaal team een positieve evaluatie velde over Steunpunt SONO. Ook de Vlaamse Onderwijsraad gaf u een positief advies met betrekking tot de verderzetting van het Steunpunt.

Beleid voeren is keuzes maken en in het geval van overheidsbeleid zijn die politiek geïnspireerd. Daar is niets mis mee. Maar een goed beleid is ook evidence based, gebaseerd op (wetenschappelijke) inzichten. Dat hebben wij de afgelopen 19 jaar gedaan: onderzoeksbevindingen en wetenschappelijke inzichten ontwikkelen ter ondersteuning van het onderwijsbeleid. Op die manier hebben we de opeenvolgende Ministers van Onderwijs van verschillende politieke partijen geïnformeerd. Zelf hebt u terecht ‘excellent onderwijs’ centraal gesteld in uw beleidsnota voor deze legislatuur. We menen dat de investering in een steunpunt voor onderwijsonderzoek een essentieel element van die strategie uitmaakt.

In tijden waarin wetenschappelijke onderbouwing meer dan nodig is om de kwaliteit van ons onderwijs te versterken, en waarin de dialoog tussen beleid, praktijk en wetenschap broodnodig is om populistische discussies uit de weg te gaan, hopen we oprecht dat we met u hierover van gedachten kunnen wisselen en nagaan hoe het beleidsvoorbereidend onderzoek binnen onderwijs in de toekomst vorm kan krijgen. 

Met vriendelijke groeten,

Promotoren van het steunpunt SONO: Ignace Glorieux (Gewoon Hoogleraar VUB), Ides Nicaise (Hoogleraar KU Leuven), Geert Devos (Hoogleraar UGent), Sofie Cabus Onderzoeksleider (HIVA KU Leuven), Kristof De Witte (Hoogleraar KU Leuven), Kaat Delrue (Hoofd Onderwijsbeleid Arteveldehogeschool), Katrijn Denies (Post-doctoraal onderzoeker KU Leuven), Nele Havermans (Onderzoeksleider HIVA KU Leuven), Rianne Jannssen (Hoogleraar KU Leuven), Ilse Laurijssen (Post-doctoraal onderzoeker VUB), Mike Smet (Docent KU Leuven), Bram Spruyt (Hoofddocent VUB), Elke Struyf (Gewoon Hoogleraar UAntwerpen), Mellissa Tuytens (Post-doctoraal onderzoeker UGent), Piet Van Avermaet (Hoofddocent UGent), Kris Van den Branden (Hoogleraar KU Leuven), Mieke Van Houtte (Hoogleraar UGent), Peter Van Petegem (Gewoon Hoogleraar UAntwerpen), Dieter Verhaest (Hoofddocent KU Leuven), Karine Verschueren (Gewoon Hoogleraar KU Leuven).